PDF Print

In het hart van de zaak 37





Dankdienst voor de oogst, zondag 24 oktober 2010

Vier en twintigste zondag na Pinksteren


In Ste Gertrudis vieren we as. zondag de dankdienst voor de oogst of zoals in ons Kerkboek staat aangegeven: voor de vruchten der aarde. Hiermee onderbreken we de reeks van de groene zondagen na Pinksteren, zowel de kleur groen ook heel goed past bij de beelden die deze dag bij ons oproepen. De liturgie van deze dankdienst geeft aan dat het om meer gaat dan uitsluitend groente en fruit, bomen en vruchtbare weilanden en akkers. Het gaat ook om de arbeid die we als mensen mogen verrichten, het werk van hoofd en handen. Om heel de wonderbare schepping die God de mensen in handen heeft gegeven om hem te bewonen en te bewaren. Daarvoor mogen wij God loven en prijzen en om zijn goedheid die spreekt van alles wat Hij ons telkens weer schenkt.


Eten en werk, een dak boven je hoofd, onderwijs en gezondheidszorg; het zijn gewone primaire zaken die wij als vanzelfsprekend accepteren. Ze horen bij ons dagelijks leven en ze geven geen garantie voor de toekomst. ‘Geef ons heden ons dagelijks brood’ bidden wij in het Onze Vader en ‘vergeef ons onze schulden’. Dat is niet van elkaar te scheiden.

De dankdienst in de herfst zegt ons terecht dat er gedeeld moet worden. Met de medemens veraf en dichtbij. En dat er sprake is van schuld wanneer daar grofweg aan voorbij wordt geleefd.

Het zijn niet alleen gelovige mensen die daarmee bezig zijn. Geen bidders weliswaar, maar wel doeners. Zulke mensen zijn ook welkom in Ste Gertrudis.

Maar gelukkig dat er wereldwijd een kerk is die dit er telkens weer opnieuw bij haalt. Op zondag vooral, maar met het oog op doordeweeks. Mensen in nood, Brood voor de aarde, Voedselbanken in ons land en de arme kant van Nederland, Diaconaal hulpwerk, Kerk metterdaad en nog veel meer.

We danken God voor al het goede dat Hij geeft. Dankbare mensen weten van geven en delen.

Wanneer God ons zegent (dat heeft in bijbelse zin te maken met groeien) is dat niet om alles voor onszelf te houden. Christenen kunnen niet anders zijn dan doeners,.

Het laatste dat soms is bijgebleven van een lang vervlogen geloof, is nu juist het al dan niet terechte verwijt dat mensen als christen tekort schieten. Dat klinkt wat ongerijmd, maar het valt ook te begrijpen. De apostel zegt in de Efezenbrief dat we onze dagen goed moeten gebruiken want we leven in een slechte tijd. ‘Wees daarom niet onverstandig, maar probeer te begrijpen wat de Heer wil’ (5,16-17). En bekend is het woord van Sint Augustinus in antwoord op mensen die zich beklagen over de slechte tijden die er zijn, dat de slechtheid van de tijd bepaald wordt door de slechtheid van mensen.

‘Wees een goed mens, zegt hij, en ook de tijd zal goed zijn’.

Een woord dat blijft hangen en dat voor ieder van ons van grote betekenis kan zijn. Als we op deze zondag in het bijzonder spreken over God die ons zegent, dan vinden we dat in psalm 67, de gradualepsalm die we voor het evangelie uit, zullen zingen:


God wees ons genadig en zegen ons,

Laat het licht van uw gelaat over ons schijnen,

dan zal men op aarde uw weg leren kennen,

in heel de wereld uw reddende kracht.

De aarde heeft een rijke oogst gegeven,

God, onze God, zegent ons.

Moge God ons blijven zegenen,

Zodat men ontzag voor Hem heeft

Tot aan de einden der aarde Vertaling NBV


Ontvang Gods zegen en wordt tot zegen! Ontvang levensgroei en kracht en laat anderen groeien door je respect te tonen voor je medemens. De tijden zijn slecht en je hoeft de krant maar in te zien om daarmee in te stemmen. Wat kan je doen als mens, als eenling vaak?

Sint Augustinus had ook geen beter antwoord dan de Efezenbrief in het vertrouwen op het werk van de Heilige Geest in het hart van mensen. Wees een goed mens en gebruik de dagen goed. Zodat men ontzag heeft voor God, tot aan de einden der aarde, zegt de psalmist.


Wat moeten we daarmee in onze materialistische wereld? Wat kan de mens, in de ban van de secularisatie met zijn gezichtsbedrog en een blinde vlek, met het licht van Gods gelaat, met een God die zegent al wat leeft?

De rijke man met zijn grote schuren kwamen we al eerder tegen dit jaar. Hij is het type van ‘mij kan niets meer gebeuren, ik ben binnen en wie doet me wat’. Geen woord over dank of ontzag voor God, geen woord of blik voor een medemens in nood.

En dan de rechter die we recent ontmoetten. Hij wordt onrechtvaardig genoemd, omdat hij zijn werk niet goed deed en de weduwe die bij hem kwam, liet praten.

Maar hoor wat hij zegt: ‘ik heb niet de minste eerbied voor God en ik trek mij niets aan van de mensen’.


Het is voor ons mensen niet gemakkelijk altijd de hand van God te zien in de gewone dingen van het leven. Temeer omdat we dagelijks in aanraking komen met het kwaad en het leed dat mensen en dieren overkomt. Gebrek aan voedsel en goed drinkwater, behoorlijke huisvesting en fatsoenlijk werk, dat mensen niet afbeult en vergiftigt, mensen die geen keus hebben en geen helper.

Op deze dag wordt gelezen uit Deuteronomium 8, 2- 10, waar Mozes het volk herinnert aan de tocht door de woestijn. Ons Leesrooster noemt ook nog de instelling van het Loofhuttenfeest, eveneens een gedenken van de hachelijke tocht door de woestijn van het leven. Door het bladerdak stralen de sterren en worden de mensen gericht op hun God in de hoge die waakt over zijn mensen en die hen leidt naar de toekomst. In onze goed getimmerde huizen raken we zo gemakkelijk het gezicht op God kwijt. En de zorg die God heeft voor zijn schepping en voor ons. In de woestijn liet Hij zijn volk niet van honger sterven en van dorst omkomen. Er was geen graan, maar er was manna, nauwelijks te eten, maar je kon overleven.

En er kwam stromend water uit een rots. Zo hield God hen in leven, met brood uit de hemel,

een geschenk dat voorgoed naam maakte, zoals het water uit de rots in de vroege kerk verwijst naar Christus, het water des levens.


In de kerk gedenken wij, willen we niet vergeten. ‘Gedenken doet leven, vergeten brengt de dood’, zegt een Joodse spreuk. Gedenken wij dankbaar de daden des Heren bij de grote gedachtenis van het lijden en sterven van onze Heer, zijn dood en verrijzenis. In de Eucharistie, de dankzegging. Omdat wij leven mogen en niet sterven.


Cantico la creature (het zonnelied van St. Franciscus)


Wees gezegend, God en Heer.

Hoog verheerlijkt en aanbeden:

uw genade, keer op keer,

moet bezongen en beleden,

heel de schepping brengt U eer!


Wees geloofd om broeder zon,

die ons licht geeft alle dagen;

die de nacht doorbreken kon

en daarom het beeld mag dragen

van uw Licht dat overwon.


|Wees geloofd om broeder vuur,

die ons zoveel heeft gegeven.

Wees geloofd om de natuur,

om het water van het leven:

nuttig, nederig en puur.


Wees geloofd door al wat leeft

voor de grote moeder aarde,

die ons allen voedsel geeft;

voor de dood die niemand spaarde,

ondanks al waar hij naar streeft.


Wees geloofd in eeuwigheid

voor de mens die kan vergeven

wat hij ook aan onrecht lijdt;

voor wie moed houdt in het leven,

ook al is hij alles kwijt.


Wees gezegend, God en Heer.

Hoog verheerlijkt en aanbeden;

uit genade, keer op keer,

moet bezongen en beleden,

heel de schepping brengt U eer.


Bewerking: Edwin van Kol OKG 788


Sinte Gertrudis, zomerbruid en patrones van de hoveniers


Wat kan een moderne stadsparochie beginnen met een dankdienst voor de oogst?

Naast de bakker en de slager, die zich nog overeind houden, halen we bijna alles in de supermarkt, tot kant- en klaarmaaltijden toe.

Het verzet hiertegen komt van kleine groepen mensen, die zich inzetten voor biologisch

fruit en groenten, diervriendelijk vlees van runderen, varkens en kippen

Maar er is ook veel zorg bij mensen voor het milieu, voor de natuur en het landschap.

En we hebben een patrones, Sinte Gertrudis, abdis van Nijvel, die niet alleen bekend staat wegens haar zorg voor reizigers en mensen langs de weg, maar ook als zomerbruid en bewerkster van tuinen, patrones van de hoveniers.

Reden genoeg om in onze parochie, die deels is geworteld in de gemeente van St. Jacobus met zijn vele tuiniersgezinnen, deze dag met liefde en ruimhartigheid te vieren.

En daar past de Driehoeksmarkt na afloop van de viering uitstekend bij.


Gebed:


Wij danken U, Heer, voor de gaven

die Gij ons in overvloed geeft.

Leer ons, bidden wij U,

het goede dat Gij ons steeds weer schenkt

altijd zo naar uw wil te gebruiken,

dat uw rijk van vrede en gerechtigheid

op aarde moge komen.

Door Jezus Christus, onze Heer.

Amen.


*